Alternatief Kapitaal

In beleid en wetenschap wordt sociale ongelijkheid of kansenongelijkheid vaak beschreven in termen van tekorten en achterstand: een gebrek aan taalvaardigheden, geld of een onderwijsachterstand. Maar wat als we het omdraaien? Wat als we beginnen bij wat kinderen, jongeren en ouders wél kunnen, juist in omstandigheden waar veel ontbreekt? 

Veel initiatieven laten zien dat kinderen en jongeren uit omgevingen met laaggeletterdheid en financiële krapte geen hulpeloze slachtoffers zijn, maar vaardige en talentvolle overlevers. Ze ontwikkelen vormen van wat ik ‘alternatief kapitaal’ noem: waardevolle, maar vaak structureel ondergewaardeerde hulpbronnen en vaardigheden, die aanwezig zijn in sociale groepen met een minder gunstige positie.

Bestuurders, programmaleiders, beleidsambtenaren en andere professionals stellen vaak dat er ‘ongelijk geïnvesteerd moet worden om gelijke kansen te creëren’. Daarmee bedoelen ze dat er méér middelen moeten gaan naar kinderen, jongeren en gezinnen in omgevingen waar kansen minder voor het oprapen liggen. Er wordt bijvoorbeeld extra taalonderwijs georganiseerd voor volwassenen en extra huiswerkbegeleiding en buitenschoolse activiteiten voor kinderen en jongeren. Dat is waardevol.

Maar als achter deze investering vooral de overtuiging schuilgaat dat kinderen en gezinnen hun achterstand moeten inhalen door hard te werken, ongewenst gedrag moeten afleren en zich moeten aanpassen aan de normen van hogere sociale posities, dan gaat er iets mis. De nadruk ligt dan op het repareren van mensen.

Dus wat als we het omdraaien? Wat als niet zíj in de eerste plaats iets te leren hebben, maar wij — de beoordelaars, beleidsmakers, professionals — moeten leren zien welke talenten, vaardigheden en vormen van kapitaal tot nu toe onzichtbaar waren?

Ruil je ladderblik in voor een rijkdomsblik!

Meer lezen over alternatief kapitaal?

Meer leren over alternatief kapitaal?

De afgelopen jaren heb ik het concept alternatief kapitaal ontwikkeld, erover geschreven, onderzoek naar gedaan en lezingen over gegeven. Nu is het tijd voor een volgende stap:

𝗛𝗼𝗲 𝗸𝘂𝗻𝗻𝗲𝗻 𝘄𝗲 𝗱𝗶𝗲 𝗿𝗶𝗷𝗸𝗱𝗼𝗺𝘀𝗯𝗹𝗶𝗸 𝗻𝗶𝗲𝘁 𝗮𝗹𝗹𝗲𝗲𝗻 𝗯𝗲𝗴𝗿𝗶𝗷𝗽𝗲𝗻, 𝗺𝗮𝗮𝗿 𝗼𝗼𝗸 𝗼𝗲𝗳𝗲𝗻𝗲𝗻 𝗲𝗻 𝘁𝗼𝗲𝗽𝗮𝘀𝘀𝗲𝗻?

Daarom organiseer ik een eerste workshop Alternatief Kapitaal – van ladderblik naar rijkdomsblik.

Met maximaal 12 deelnemers gaan we aan de slag met werkvormen die ik rond alternatief kapitaal heb ontwikkeld. Je oefent met de rijkdomsblik en vertaalt die naar vraagstukken en situaties uit je eigen praktijk.
Deze eerste workshop gebruik ik ook om de werkvormen verder aan te scherpen. Daarom hoor ik na afloop graag van de deelnemers wat goed werkte en wat misschien nog beter kan.

📅 24 november, 13.30 - 16u
📍 Arnhem
👥 maximaal 12 deelnemers
💶 pilotprijs: €50 p.p. incl. btw

𝗦𝗼𝗺𝘀 𝗴𝗿𝗼𝗲𝗶𝘁 𝗲𝗿 𝗶𝗲𝘁𝘀 𝗼𝗽 𝗲𝗲𝗻 𝗽𝗹𝗲𝗸 𝗱𝗶𝗲 𝗱𝗮𝗮𝗿 𝗵𝗲𝗹𝗲𝗺𝗮𝗮𝗹 𝗻𝗶𝗲𝘁 𝘃𝗼𝗼𝗿 𝗯𝗲𝗱𝗼𝗲𝗹𝗱 𝗶𝘀.


De stoep is aangelegd met een bepaald idee over hoe de ruimte gebruikt moet worden. Toch vinden deze bloemen er een weg.

Je kunt kijken naar wat hier niet de bedoeling is.
Je kunt ook nieuwsgierig worden naar wat hier blijkbaar mogelijk is.


Die andere manier van kijken is de kern van 𝗮𝗹𝘁𝗲𝗿𝗻𝗮𝘁𝗶𝗲𝗳 𝗸𝗮𝗽𝗶𝘁𝗮𝗮𝗹.

Niet alleen kijken naar wat mensen missen of naar wat binnen bestaande systemen als waardevol wordt gezien. Maar juist ook naar de kennis, ervaringen, vaardigheden, relaties en talenten die mensen al hebben – en die binnen die systemen niet altijd worden gezien of erkend.

 

“Aan het eind van de basisschool regelde ik school ook altijd zelf. Dus alle administratie van school, alle dingen voor school deed ik allemaal zelf.”

(kind van laaggeletterde ouders, Notten 2025)

 

“Mijn moeder heeft veel problemen gehad rondom geld en is daar uitgekomen. De gesprekken die wij over geldzaken hebben gehad, hebben mij veel geleerd. Bijvoorbeeld dat je zuinig moet zijn op je geld, moet sparen en moet zorgen voor goed overzicht in je bankzaken enzo.”

(jongere met ervaring in financiële krapte, Jansen e.a., 2025)

“Ik heb vrij snel geleerd voor mezelf en mijn eigen rechten op te komen, weten waar ik dingen kon vinden en opzoeken, waar ik nog steeds nut van heb.” (kind van laaggeletterde ouders, Notten 2025)